Kennisbank

Bestandsnamen voor gedigitaliseerde archieven

Een bestandsnaam hoeft niet alle metadata te bevatten. Hij moet vooral uniek, stabiel, voorspelbaar en machinevriendelijk zijn.

Een bestandsnaam hoeft niet alle metadata te bevatten. Hij moet vooral uniek, stabiel, voorspelbaar en machinevriendelijk zijn.

Gebruik stabiele identifiers

Baseer namen bij voorkeur op een unieke bronidentifier, aangevuld met volgorde of zijde. Vermijd gegevens die later veranderen, zoals omschrijvingen die redacteuren nog aanpassen.

Scheid naam en metadata

Stop niet ieder veld in de bestandsnaam. Lange namen veroorzaken fouten en beperkingen. Bewaar rijke beschrijvingen in metadata en gebruik de bestandsnaam als technische sleutel.

Test sortering vooraf

Gebruik voorloopnullen wanneer lexicografische sortering belangrijk is. Test ook paginavolgorde, recto/verso, bijlagen en heropnamen.

Checklist voor uw project

  1. Gebruik alleen toegestane tekens.
  2. Maak namen uniek binnen de volledige collectie.
  3. Leg voorloopnullen en volgorde vast.
  4. Definieer suffix voor heropname/afgeleide zonder master-ID te breken.
  5. Test import in het doelsysteem.

Veelgestelde vragen

Mag een spatie in bestandsnamen?

Technisch vaak wel, maar consistente machinevriendelijke conventies met beperkte tekens zijn robuuster tussen systemen.

Moet de datum in de bestandsnaam?

Alleen als die stabiel, relevant en eenduidig is. Een unieke identifier is belangrijker.

Hoe benoem je dubbelzijdige pagina’s?

Gebruik een vaste volgorderegel of zijdecode die zowel productie als latere sortering ondersteunt.